Ongedierte Middelen
PREVENTIE EN BESTRIJDING VAN PLAAGDIEREN

Neem direct contact op:

0547-29 22 72

Volg ons op: facebook icon

Integrated Pest Management (IPM)

I.P.M. is geen standaard voorschrift. Het is een correcte manier van werken bij plaagdierbeheersing. Voor opdrachtgevers betekent dit dat het onderdeel is of moet worden van de totale bedrijfsvoering.

I.P.M. dient nu te worden toegepast bij het gebruik van biociden buiten en wordt sinds eind december 2014 tot 31-12-2016 gedoogd middels een meldprocedure. Dit gedoogbeleid wordt per 01-01-2017 opgevolgd door een gecertificeerd I.P.M. protocol voor binnen en buitengebruik. In de loop van 2016 zullen wij gecertificeerd worden voor dit protocol. Zie hiervoor info van de schemabeheerder www.kpmb.nl.

I.P.M. richt zich op het voorkomen van de aanwezigheid van knaagdieren en streeft er naar het gebruik van biociden tot een minimum te beperken.

I.P.M. is gebaseerd op zes onderdelen:

IPM

 

Die zes onderdelen samen vormen het plaagdierbeheersplan. Dit plan wordt omgezet in een servicecontract en uitgevoerd door Ottenschot Faunabeheersing als plaagdieradviseur. Wij hebben daarbij de volgende taken:

  1. Voeren periodiek inspecties uit
  2. Hebben kennis van plaagdieren
  3. Hebben kennis van plaagdiergerelateerde problemen en oorzaken
  4. Delen van inspectiebevindingen en bijbehorende oplossingen met onze klant
  5. Voeren waar nodig mechanische en eventueel chemische bestrijding uit.

Het vak ongediertebestrijden heeft naast de uitvoerende taken ook een adviserende taak op het gebied van beheersing van plaagdieren.

1.
Inspectie

Op basis van vakbekwaamheid zullen inspecties worden uitgevoerd en schriftelijk worden gerapporteerd. Uit deze inspecties zullen adviezen volgen die samengebracht worden in een plaagdierbeheersplan. In dit plan zullen inspanningsverplichtingen van zowel Ottenschot Faunabeheersing alsook de opdrachtgever worden vastgelegd.

Drie categorieën zijn daarbij belangrijk:

  • Bouwkundige tekortkomingen
  • Hygiënische tekortkomingen: voedselaanbod en ontwikkelingsplaatsen
  • Bedrijfsmatige tekortkomingen zoals schuil- en nestelgelegenheid, ontvangst goederen, wijze van opslag en temperatuur.

2.
Preventie d.m.v. wering

Door het treffen van preventieve maatregelen wordt het betreden en de ontwikkeling van plaagdieren tegengegaan. Daarbij is de onderlinge samenwerking tussen opdrachtgever en Ottenschot Faunabeheersing belangrijk. Preventieve maatregelen worden geadviseerd maar niet uitgevoerd door ons.

3.
Hygiëne maatregelen

Deze maatregelen lijken vanzelfsprekend, maar als plaagdierbestrijder kijken wij daar toch vaak anders tegenaan. Advies volgt op het gebied van:

  • Opstellen en toepassen van opruim-/schoonmaakplan
  • Omgevingstemperatuur en luchtvochtigheid

4.
Mechanische bestrijding en controle

Nadat bovengenoemde maatregelen zijn uitgevoerd, wordt binnen IPM eerst de mechanische bestrijding toegepast. Voorbeelden zijn inloopvallen, mechanische vallen, vangkooien, klemmen e.d. Bij insecten zijn dit bijv. elektrische vangers, plakstrips etc.

Bij mechanische bestrijding hoort regelmatige controle waarbij kadavers worden verwijderd en klemmen/vallen opnieuw scherp worden gezet.

Vangmiddelen worden op de bedrijfsplattegrond ingetekend en vangsten worden schriftelijk gerapporteerd. Uit deze rapportages kunnen periodiek trends worden geanalyseerd. 

5.
Chemische bestrijding

Nadat al de genoemde maatregelen van punt 1 tot en met punt 4 zijn doorgevoerd en er is geen verbeteringen in de infectiedruk, wordt chemische bestrijding toegepast.

Alle toegepaste middelen komen uit de categorie anticoagulantia. Dit zijn middelen die, bij voldoende opname, de bloedstolling verminderen. De dieren gaan uiteindelijk door in- en uitwendige bloedingen dood. Middelen worden altijd toegepast volgens de wettelijke gebruiksvoorschriften zoals die vermeld worden op het etiket. Vergif wordt alleen uitgezet in kunstof afgesloten lokaasvoerdozen. Deze lokaasvoerdozen worden vastgezet aan de wand of vloer.
Wanneer er geen aantoonbare overlast meer is van knaagdieren worden de lokaasvoerdozen voorzien van non-tox middelen (na 3 maanden). Dit zijn veelal waxblokken zonder werkzame stof. Bij controle kan worden nagegaan of er nog sprake is van opname.

6.
Evalutatie / rapportage

Bij de regelmatige controles wordt primair volgens bijbehorende service overeenkomst op de volgende items gelet:

  • Controle op aanwezigheid van knaagdieren

Optioneel:

  • Controle op aanwezigheid van voorraadaantastende insecten
  • Controle op aanwezigheid van hygiënegerelateerde insecten
  • Controle op aanwezigheid van buitenlevende insecten.

Controles worden altijd schriftelijk vastgelegd en inzichtelijk voor opdrachtgever en de controlerende instanties.

Jaarlijks wordt het plaagdierbeheersplan geëvalueerd en aangepast op veranderingen in het bedrijf. Bij deze evaluatie komen verder aan de orde:

- gebruikte hulpmiddelen
- hoeveelheid toegepaste biociden

Het IPM systeem is een dynamisch systeem dat door inbreng van beide partijen kan verbeteren.